|
Grotschilderingen: 25.000 jaar voor Christus
Onze verre voorouders begonnen al heel vroeg met het maken van grotschilderingen. De tekeningen werden in de loop der eeuwen steeds preciezer en kleurrijker, en de ‘verf’ ging duizenden jaren mee. Ga maar eens kijken in de grotten van Lascaux in Frankrijk (zie de afbeelding Grottekening 1) zoals op de website of download de afbeeldingen op de downloadpagina).
|
 |
|
Kleitabletten: 4000 jaar geleden voor Christus
In het Midden-Oosten schreven en tekenden ze hun verhalen op vochtige kleitabletten. Ze deden dat met rietsplinters. Zo ontstond het spijkerschrift, een soort ‘plaatjesschrift’. |
 |
|
De eerste pennen: 2000 jaar voor Christus
In Griekenland en Egypte gebruikten ze lood om te schrijven en te tekenen. Als je met een stukje lood schrijft, dan krijg je namelijk een grijze lijn. Daarnaast gebruikten ze rietjes en een soort verfkwastjes (penselen), die ze in inkt doopten. |
 |
|
De veer: 16de eeuw
Pas in de 16de eeuw bedacht men de ganzenveer. Het puntje van de veer werd in de inkt gedoopt en zo kon men schrijven. Prenten in die tijd werden gemaakt met zilver en lood. In het woord ‘potlood’ vind je daar iets van terug. |
 |
|
Ontdekking van grafiet: eind 16de eeuw
In 1564 werd in een zware storm in het Engelse Cumberland een enorm dikke boom omvergeblazen. Onder de wortels vonden mensen zuiver grafiet (een soort koolstof). Herders gebruikten dat zwarte spul om er hun schapen mee te merken en het werd ook gebruikt op kisten en manden. |
 |
|
Eerste potlodenbakkers: 18de eeuw
Het grafiet bleek zo handig dat koning George II in de 18de eeuw besloot om de grafietmijn van Cumberland ‘in te pikken’ en uit te roepen tot eigendom van de staat. Daarna duurde het nog wel een tijdje voor we van grafiet ook echt potloden konden maken. Verschillende ‘potlodenbakkers’ gingen op jacht naar het ideale recept. In 1761 maakte Kaspar Faber uit Beieren een papje van grafiet met zwavel, antimonium en harsen. Hij perste de brei samen tot een soort krijtjes. Daarmee kon je al wat beter schrijven dan met pure grafiet. |
 |
|
Eerste echte potlood: 1790
Nicolas Jacques Conté ging nog een stapje verder. Hij mengde klei en grafiet en bakte dat mengsel in een kalkoven. De basis voor het ‘echte’ potlood was gelegd. |
 |
|
Eerste potloodfabriek: 1812
De Amerikaan William Monroe besloot om een potlodenfabriek te beginnen. Niet lang daarna werd bedacht dat je ook kleuren kon gaan mengen. In de eerste potlodenfabrieken ging het een stuk primitiever dan nu in de bruynzeel-sakura-fabriek, maar toch… Zonder al die potloodpioniers hadden we nooit zoveel verschillende kleurtjes kunnen hebben om te tekenen en kleuren. |
 |